GELEEFD

 mysoulisinthesky°
Of het nu lang,
of niet zo lang, of niet lang genoeg is geweest,
ooit is iedereen er geweest,
en altijd is het wel eens een keer mooi geweest.
°
En of hij nu gaat, of zij, of gij, of ik,
allemaal zullen we gaan,
vroeger of later, maar voor ieder van ons
elke keer in een nu.
°
Maar zelfs
als we weg zijn blijven we hier,
in iets klein, in iets groot, in een hoofd, in een cel,
in de lucht, in een zucht.
°
Weet:
gij zijt niet alleen,
ge laat niet alleen, ge gaat niet alleen,
ge blijft niet alleen.
°
Want wij allemaal,
wij ook.

IIJAH

IN DER MINNE

rememberme

Mijn brieven onder zegel,
het maanlicht, dit kwatrijn,
wat ik voor u ook regel,
’t zal in der minne zijn.

De sterren die ‘k laat vallen,
mijn roes die ’t hoofd in stijgt,
de kurken & de knallen,
mijn hart dat zingt, dat zwijgt.

Elk riet dat ik zal buigen,
elk uur dat bindt, dat scheidt,
zal wit op zwart getuigen
van mijn genegenheid.

VELDWERK

900_Pawel-Kuczynski_10401494_871393829555864_1524716066081493106_n

Welk plantgoed zal er in deze voren worden gepoot,
in deze vleugelsporen van Pawel-Kuczyn ’s engel?
Zal die overschot aan gekwetste letters er in worden gezaaid
voor een vernieuwde oogst aan gevleugelde woorden,
‘de Geest van een Eindeloze Taal’ ten behoeve?

Is dit Gabriël himself, de bemiddelaar tussen God & zijn Schepping,
in zijn ‘gezwind werkende beweging
die overmacht heeft over elk levend wezen, behalve de mens?’
Of is dit de aanblik van de moed der wanhoop,
maar van wié dan wel: van de laatste Godsgezant,
of van de laatste mens op aarde?
Is dit een reddende engel, een hemelse krijgsgevangene,
of het leven zoals het zal zijn, na de nakende nieuwe zondvloed?

Of misschien is dit geen boer maar God zelve,
die een betere schepping uit de grond probeert te krijgen?
Finito met die dubieuze voortplanting van de mens,
want wordt dit, wie weet,
een veld vol kolen waarin de teleurgestelde schepper
alsnog de nieuwe mens zélf zal kunnen telen?
Met van die hemelhoge Barnstokken langs de rand,
die fabelachtige kinderbomen vol lokkende kreetjes:
”Pluk mijn, pluk mijn, ik zal alle dagen zoet zijn!”

Wat het ook mag voorstellen:
je weet niet wat je ziet, en dat maakt altijd een tikkeltje ongerust.
Overigens, ligt dat veld al niet vol tikkeltjes ongerustheid,
bij nader toezien?

SINGING IN THE RAIN

Paisajes de lluvia (51)

 

Regen rijmt op hoop van zegen,
spijts gezever & gezucht?
Komt voortdurend ongelegen,
en valt altijd uit de lucht.

Niks te kiezen niks te delen,
’t is voor ’t nut van ’t algemeen?
Regen rijmt op pijpenstelen,
soms op singing in the rain.

Rijmt op zeik, op zich bezatten,
op miljaardenondedju?
Meest nog op verzopen katten,
maar oef, ook op paraplu.

b39d341399cb6fcec214b3b8781c2daa

LOBUS FRONTALIS

dark-room

Lobus frontalis, mijn frontale hersenkwab, mijn voorhoofd langs de binnenkant?
Ruïneus, ontnobeld, verlaten want onbewoonbaar verklaard.
De ogen uit de kop geschreid, het dwaalhuis van mijn hersenschimmen?
Weinig nog te zien van de 650 kilometer bloedvaten in mijn brein, waarvan de muren -vroeger bekleed met ondoordringbare endotheelcellen- plots door schimmels worden overwoekerd. Heeft de ‘bloed-hersenbarrière’ forfait gegeven, is mijn ‘neurovasculaire eenheid’ verbrokkeld geraakt, hangen hier mijn hersenspinsels in de donkere hoeken? Zal ik nu zelf misschien aan den vege lijve mogen ondervinden, wat mijn grootmoeder overkwam, voortijdig verjaagd uit haar huis door ‘der heimliche Alz Heimer’ met zijn dwaze praatjes?

Het geloof in de ‘zachte krachten’ als een hoop verdorde bladeren terug naar binnen gewaaid door de kapotte ramen: waarom gun ik zelfs de daklozen geen onderkomen in mijn leegstaand brein, en heb ik op mijn buitenmuren gekalkt:

“LAAT MIJ GERUST!”

Omdat ik…?
Doch, indien niet:
nog erger.

SEPTEMBER

wild_life_by_bigfoot112-d34ppw0 3

Hete stoppels, brandend loof
verzengt de vergezichten;
na de roof opnieuw de kloof
die zich moet zien te dichten.

Hoop of vrees, Michiel of Trees,
de stuwing zal verstarren;
klaar is Kees those were the days,
september keert z’n karren.

Spin, zo donzig als ik dik,
’t verweerde web vol gaten;
vogelpik hamertje tik,
de herfst wordt losgelaten.

HOLLY KING

boekenweekauteur-dimitri-verhulst-wil-oeuvre-trouw

Hij schrijft. Hij beklijft. Hij blijft.

Want ja hoor, hij bakt er wat van. Zij het niet met blader- maar met kruimeldeeg. Halfsegats, of halfsegods? Hoewel niet wonderbaarlijk geboren uit zijn goddelijke moeder Demeter, die aanvankelijk door haar eigen vader werd opgeslokt & weer uitgebraakt, en bij wie Poseidon een paard wist te verwekken, maar toch. Ook zijn medemoeder leerde hem alleszins akkeren, ploeteren & in de -eveneens aan haar gewijde- pijnboom klimmen.

Noemde hem Dimitri, my boy with the demon blood, en voilà:
Nomen est Omen.
Want inderdaad, hij heeft zich ‘verhulst’. Taai, verstekeld & winterhard als geen ander zijn naam in eigen bast gebeiteld.
Als the One & Only Holly King, die van midzomer tot midwinter weer volop aan zet zal zijn?

af29b219627c2581d29726c32415f1ab
Zijn -door galluszuur gelooide- woorden glanzen als leer, alsof ingesmeerd met een mengsel van traan & rundvet. Voorzien van een vochtbestendige waslaag & doornige randen, ter bescherming tegen vraat, maar langs de zielzijde soepel geslagen -gekrispeld, zo geheten- met behulp van een stuk gegroefd hout?

Wat er ook van zij, zelfs als z’n bladvullende woorden ten langen leste uitverteld & vervangen uit z’n handen zullen vallen, zal Holly Speckle, het Hulstdekselbekertje, er nog iets iets moois van maken met z’n eigen -dito dekselse- gezwam, tot zelfs de taaiste woorden doorzichtig zijn geworden, en geheel met spikkeltjes bespat.

184388

Men durft hem niet te belagen, men denkt, hij heeft iets met de bliksem & de eeuwigheid van doen.
Deze donkere, mystieke Verhulst, die een kostbare aanwezigheid wordt genoemd, zowel in de tuinen der dondergoden,
als in die van ons allen. Want een glimmer, een groenblijver met bladeren, effectiever dan prikkeldraad, en waarvan de nerven fungeren als een soort bliksemafleiders.

dark-creepy-36073Geen enkele andere Dimitri in de Benelux, die zo goed zeewind, zure grond & schaduw weet te verdragen?

Als hij toch ooit af mocht kraken of geveld zou raken, die zeer gewilde boom die hij over het leven heeft opgezet,
-ontkiemd onder de voetstappen van Jezus?-
dan zal van zijn schors teer worden gemaakt om vogels mee te vangen.
En van zijn harde hout zullen schaakstukken & muziekinstrumenten worden gemaakt,
alsook deurknoppen & knuppels voor veedrijvers.

1249761413_1248423760_photographer-sarolta-ban-photo-art-12En wit als het is van binnen, kan het eveneens dienen als vervanger van ivoor, of zwart worden geschilderd als ebbenhout.
Bij verbranding zal het zo heet worden, dat de kool ervan kan worden gebruikt voor het smeden van scherp gereedschap.
Doch er kunnen ook scheepjes-in-flessen van worden gemaakt, of wie zou er geen wandelstok van willen, zoals ook Goethe er één had. Zelfs Harry Potter schijnt er een toverstok van te hebben.
Maar rode bessen?

hollymistbar
Nee.
Mannelijk opgezette bomen krijgen geen bessen, net zomin als pikdorsers. Die maaien, dorsen & verschonen  -voorzien van schudders, zeven & een dieselmotor-
al het zaad van de wereld & van zichzelf
in één enkele werkgang.

stubblefield2

Daar de oogst,
en hier het stoppelveld.

SINE SOLE SILEO

Vettriano-The-Walzers

* Dancing days are here again, summer evenings grow? Under the tree where the grass don’t grow, we made a promise to never grow old? Niet te beschrijven, dat eerste vleugje eind juni.

**

I check my look in the mirror, wanna change my clothes, my hair, my face. Plots opeens, in een vlaagje wind, de bedwelmende geur van de bloeiende liguster. Het concentraat van miljoenen zomers voor & na.

***

These are the days we’ve been waiting for, days like these who couldn’t ask for more. Maar de nostalgische gedachte: ooit komen er zomers dat ik hem nooit meer zal kunnen ruiken, hoe onvoorstelbaar is dàt.

****

Wonen in de Ligusterlaan nr. 4, naast de familie Duffeling, onder straatlantaarns met oranje licht? Dance me to your beauty with a burning violin, lift me like an olive branch and be my homeward dove, dance me to the end of love, zingt Cohen overal elders.

***

Sine sole sileo -zonder zon zwijg ik- zeggen de zonnewijzers. Maar niet Ligustrum Ovalifolium. Terwijl alles & iedereen naar eindigheid stinkt, geurt de liguster naar de eeuwigheid.

**

Paint your palet blue and grey, look out on a summer’s day, with eyes that know the darkness in my soul? Dear Wolf Two-Socks, I follow you when the stars go blue. Onder de eindeloze vertakking van ‘dat wat is’.

*

  rellotge

PINKSTERDAG

vader_dochter

Met zijn dochter aan het handje,
op een mooie pinksterdag:
wolken met een donker randje,
vrees in vaders oogopslag?

Ja, het hondje heeft gebeten,
vader zei nog: dat doet pijn.
Nee, ze is het niet vergeten,
vader zal er altijd zijn.

Kindje luistert, kindje fluistert:
’k wil naar ’t parkje in de zon.
Handje in zijn hand gekluisterd,
kindje wou dat het nog kon.

FIAT LUX

dyn002_original_467_219_pjpeg_2647481_2938b876ef91de52abcd4dd977359490 (1)

JA, DAAR ZIJ WEER LICHT, LANG VOOR HET WAKKER WORDEN!

Het ‘levenwekkend licht’ van De Schoolmeester? De ‘moe gewaakte nacht verliest z’n nevelwagen’? Die lichterlaaie plots, dat blauw achter die bloesems, en Garcia Lorca’s “Verde que te quiero verde: groen wat hou ik van je groen!” Kat & tuin ruiken weer naar elkander, en geen vinkje meer, dat niet roept op Suske Wiet. Moge niemand zijn kater zo hebben genoemd.

8523316333_ddb33e69fc (1)

-“Eén ding is duidelijk, wat de snelheid van het licht betreft: het komt ’s morgens steeds te vroeg.” Tenminste, dat vindt één of andere Amerikaanse cartoonist ervan. Maar wat wil je: in 1 minuut legt het licht dan ook 18,6 miljoen kilometers af, en in 1 lichtjaar zo’n 9,5 biljoen. Geen wonder dus, dat wij ons daar zo gemakkelijk aan mispakken? En dat Nietzsche kwam te zeggen: “Het is met de mens als met de bomen. Hoe meer hij naar de hoogte en naar het licht wil, des te sterker streven zijn wortels naar de aarde, nederwaarts in het donkere, het diepe – in het boze.” Alzo eindelijk dat bos in dat je nooit durfde te betreden, dat donker-bos-zo-geheten-naar-het-niet-licht-geven, maar ’t bonzend hart dat denkt: ik red het wel? Vlieg, zwem, kruip, zodat men je ziet! Subito! Vite! Rapido!

dadels-403x260

Maar licht uit, spot aan, want niets is ooit zonder meer, noch zonder minder. Dat zelfde ‘levenwekkend’ licht groeft zich als een engerling in ’t gelaat, grofweg gravend in de groeven aldaar, alsook in de grieven daaromtrent. Het brengt de spiegel in verlegenheid, krijgt niks meer deftig gebruineerd, nee, doet veeleer verbleken van gloeiende knijp: de angst dat inmiddels oud geworden zeer nu weer al te zeer zal worden gezien. En het hart dat zingt: “Mijn moed die heeft vier deuken..” Plots staan doorleefde gezichten vol dons, als de zon haar licht daar op werpt. Ineens ‘hangt’ er veel van af, hoe of waar het ergens tussen de plooien zal vallen, of juist niét. Van dan af wordt elke zomer een paar gerstekorreltjes minder leuk? Zowel een on- als een aandoénlijke vaststelling?

old lady

Maar eeuwig zingen de bossen, alsook Leonard Cohen in zijn ‘Anthem’:

The birds they sang
at the break of day
Start again I heard them say
Don’t dwell on what has passed away
or what is yet to be.

Ah the wars they will be fought again
The holy dove She will be caught again
bought and sold and bought again
the dove is never free.

Ring the bells that still can ring
Forget your perfect offering
There is a crack in everything
That’s how the light gets in.

 –

HEMEL-OOG

37211-o-15581261-“Zo Bedrog, leef je nog?”
-“Ja Verdriet, zoals je ziet!”

Wiens oog is dit? Wie heeft het uit z’n kop geschreid? Want ‘quis non fleret’: wie zou niet wenen. Alleen al om de 35-jarige man die zich onlangs mistrapte, in de beerput viel en verdronk. Welk oog kan ook maar iéts méér verdragen van het oneindige zoveel méér? Zo’n 80.000 eigentalige woorden ter beschikking, doch niettemin totaal ontoereikend om het alles doordrenkende verdriet van mensen in onder te brengen.

Of is dit, met een beetje geluk, gewoon een zeer oog dat geen licht kan verdragen? Wie maar één oog heeft, wrijft het dikwijls? Wie weet, is dit het oog van Goethe’s Harfenspieler? De traan van Willy Nelsons “Angel with no place to fly”? Of een stuk prozaïscher: het oog van koning Eénoog uit het land der blinden, met zijn belachelijk verdriet omdat niemand hem ziet? Het is alleszins niet het boze oog, want dat weent niet.

Of is dit dan toch Gods pijnappelklier, Gods overprikkelde Glandula Pinealis? Denkend aan de schreeuw: “Ziet, de mens!” Denkend aan wat Nietzsche Zarathoustra zeggen liet. “Eens sprak de Duivel tot mij: want ook God heeft zijn hel, en dat is zijn liefde tot de mensen.” Trouwens, ook Schopenhauer heeft ooit bekend: “Als een God deze wereld gemaakt heeft, zou ik niet die god willen zijn, haar ellende zou mij het hart uiteenrijten.” Zoals eveneens de dichter Ben Carmi zich afvraagt: “Waar zou God in deze tijd met zijn hemel heen moeten vluchten?” Of is dit dan toch al het verdriet, ooit door mensen ten hemel geschreid, dat gestaag uit Gods Alziend Oog druppelt?

Wie zal het zeggen. Maar was het niet Herman Hesse die zei:“Tranen zijn het smeltende ijs van de ziel”? Aangevuld met de vaststelling van Paul Celan: “Tranen werken als een lens, die ons dingen leert zien die ons anders zouden ontgaan.”

Less is more? Laat dit dan maar het tranende oog zijn van wijlen Renate Rubinstein in haar hiernamaals, die god ooit smeekte: “Lieve Heer, laat asjeblieft niet ook nog een hemel komen na mijn dood!” Maar, jawel hoor.

sowa_michael

SOLUS ERIS

lonely_man_by_anjunabeats9-d3l5ts1

Berekend om te raken,
die steeds weer eerste steen?
Noch voor- noch tegenspraken,
men smijt & smeekt u: ween!

Geen steenworp, hoe ten zeerste
ontkent ook op termijn,
zal ooit zowel de eerste
alsook de laatste zijn.

Wie minder zonder meer is,
werpt zelfs zijn hart van steen:
‘t sinister ‘solus eris’
dat sist ‘ je bent alleen…’

SHAME, WHERE IS THY BLUSH?

Hall-of-Shame

Wat een modderstroom.
Wat een vetkleppen weer aan het woord.
Het Groot Woordenboek der Nederlandse Taal droop van de smurrie.
De dikke van Dale smeekte Jan Hendrik Leopold achterna:
‘Laat de luiken geloken zijn…’

Want wat een godverdomd ongemak soms, te kunnen horen & zien. Hoe graag had het willen vergaan op zo’n dag als donderdag de 2de april, anno 2015. Wat moest er weer hoognodig in de pen worden gekropen, ze dopend in adderspog, in gal of in eigen lichaamssappen. Vanzelfsprekend ga je dan woorden schrijven waar een ‘luchtje’ aan is. En dat wàs ook zo, het hele land rook er naar. Naar braakballen. Naar strontkarren. Naar stinkbekken. Shame, where is thy blush? Idioten blozen niet.

“We shure have been pigs since Adam & Eve, now the rivers can poison us” zingt Cherill Wheeler. Maar geen giftiger rivier soms, dan onze eigen gedachtenstroom.

carla

Ook Sturtewagen meende die ochtend sneller te moeten zijn dan het licht, onder het motto: een kaars die duister brandt moet men de neus afknijpen? In elk geval, de beschrevene glom doorheen zijn woorden als een gemene kaarsenmakerskat in de maneschijn. Zijn ‘klein beschrijf’ deed me denken aan ‘keske schiet’ op de kermissen van vroeger, waar men brandende kaarsjes probeerde uit te schieten met een karabijn.
En dat ‘los zand’ waar hij het over had: daar kan je op z’n minst zandzakjes mee vullen om jezelf mee te beschermen, alsook zandfilters om troebel water mee te zuiveren, en zandkokertjes waaruit men vroeger zand strooide ‘tot droging van geschreven schrift’. Los zand, daar kan je in spelen of in bijten. De inmiddels van zijn paard gevallen ‘zandruiter’ wist er alles van?
Het is kwaad water, zei de reiger, die niet zwemmen kon. Maar zelfs het diepste water krijgt de moraalridders niet verdronken. Geen sonars & geen duikers nodig om ze terug te vinden, mochten ze dan toch ooit worden ‘vermist’.
Jongens toch.

Hij is gesprongen, Sturtewagen, met uw hete adem reeds in zijn nek, en des te kouder moet het water zijn geweest.

IMG 4797

Dus zingen maar, Stef Bos. Vertroost de gemoederen.
“Laat vandaag een dag zijn als een ander, of draai de klok miljarden jaren terug,
zodat we weer als apen zonder hersens, de vlooien krabben van elkanders rug.
Laat vandaag een dag zijn als een ander, zo’n dag die iedereen weer snel vergeet.”

Gerhard Glueck Eroica 450(Gerhard Glueck)

En de dichter J.H.Leopold stelde een eeuw geleden al vast:

Er is geen teken. De bekommerde verdroot,
dat van zijn aanhang iets ging kleven,
dat enige beeltenis na zou leven
van lichte wrevel en de laatste stoot.

En zo na overwonnen doornenpijn
is hij de vruchteloze twist ontgleden,
heeft elke opgeslagen blik vermeden,
wendde zich af en liet het zijn.

O RIJKDOM VAN HET ONVOLTOOIDE?

VIC NEES?

IMG_2035

Ik heb hem immer, nou & of,
de hemel ingeprezen.
Daartoe -Moj Boze & Godlof!-
zo vaak geknield in eigen stof,
maar ‘t was terecht, in dezen.

Een pissebed onder zijn steen,
-hoor de bazuinen schallen!-
maar zie, ik krimp niet meer ineen,
als helder hij als halogeen,
zijn licht op mij laat vallen.

Werd hij tot al wat blijven zal,
tot staat van brons gegoten,
-de zware sokkel was er al,
alsook de zware regenval-
hij staat er, onomstoten.

Inmiddels ben ik, anno nu,
een nuttig jaartal ouder,
laaf ik mij aan zijn cire perdue,
ben ik die dikke déjà-vu
duif op zijn bronzen schouder.

sc0007aa57

DAG VIC

photo-manipulations-karezoid-michal-karcz-1

Om het met je eigen woorden te zeggen: die “laatste gekraaide groet met moeizaam uitgeslagen vleugels”?

14 maart, twee jaar geleden, dat vond jij blijkbaar een goede dag voor je dodelijk vertrek. En weer is het vandaag ineens te koud voor de tijd van het jaar. Niet bepaald een pretje voor weekdieren. Gelukkig hebben we gaskachels & warme dekentjes, plus allerlei vettigs om te eten, rundskop achterna, maar toch: het blijft behelpen.

Niemand van ons woont in een blijvende stad? Echter, het spoor dat jij getrokken hebt doorheen mijn bestaan is zo breed, dat ik de jungle om mij heen nog nauwelijks gewaar word. Geen tak die mij nog in het gezicht kan slaan, op weg naar mijn eigen einde? Wél zal ik de tong  uit m’n bek moeten lopen, om je weer in te halen.

Blijf, Vic, blijf. Op je stukken staan & op je strepen. Jij die wist: alle dingen zijn maar een weet. Je wijsheid is altijd een ‘wijzen’ geweest naar het beste & het betere. Er is altijd veel gelegen geweest aan je zeggen & je zegen. Maatstaf, schietlood, ijkmeester & waterpas op het bouwwerf van de muziekwereld: wie Vic zegt zal ook Nees moeten zeggen.

Blijf, Vic, blijf. Bij je woorden, en dicht bij huis. Want wie Vic zegt, zegt voor altijd ook Lea, ‘zij die hem geborgen hield’. Verdriet vertraagt, het gemoed verdraagt? Je niet-meer-verschijnen is inmiddels tot ons doorgedrongen. Het sijpelt ons dag & nacht uit de poriën. Maar zoals jij ons hebt gevraagd:

We blijven je ‘branding’ koesteren.

43b0-887aec-e77a9f