TRAPGEZANG

Sarolta_Ban(foto Sarolta Ban)

Die laatste trap naar boven,
zo’n trap, mijn god ik kan
mijn ogen niet geloven,
wat zijn ze hier van plan?

Dat die verlichte treden,
door feestvierders bedacht,
mij kunnen overreden,
jaja, je wordt verwacht.

Die laatste trap naar boven,
mag dat een lokroep zijn,
de taart nog in de oven,
veel volk & ’t huis te klein.

Dat ik, omhoog gevallen,
het trapgat op z’n kop,
haha, de kurk hoor knallen,
t is feest, komaan, kom op.

Blij, zonder hartekreten,
daarna weer thuis gebracht,
en ’s morgens niet meer weten,
’k ben dood gegaan vannacht.