KAUW VAN JOU

Dit doet hij inmiddels alvast niet meer:
naar mij kijken & mij herkennen als zijn voedstermoeder,
kauwen kunnen dat. Maar plots zag ik, dat hij geen hoogte
meer kon halen, hooguit nog een uiterst onvleugelijke meter.

Hij verschool zich bang huppend onder de laurierstruiken.
Ik vroeg me af: een jong, te vroeg uit het nest gevlogen?
Zou ik eindelijk mijn kans schoon kunnen zien? Ik zag hem
in gedachten al getemd op mijn schouder zitten
.

Echter, dat bleek de volgende morgen geen optie meer:
ik vond hem met gespreide vleugels op een een hoopje bladeren,
zwaar happend naar adem. Dus voorzichtig opgepakt
en in een doos op een handdoek gelegd.

Zijn stervensuur, zoveel werd al gauw duidelijk. Ik probeerde
nog met een pipetje wat water in zijn bekje te druppelen,
doch daar schrok hij alleen maar van. Ik zag hoe zijn veren

nog volop bezig waren zich te vernieuwen.

Niettemin verder nog helemaal intact. Dat bekende
grijze kauwenpruikje op z’n kop bleek bijzonder dik & zacht.
Even later lag hij ineens met een ver opengesperde blik
en hoop je natuurlijk: gestorven van ouderdom.

Ik wist dat kauwen rouwen om een gestorven medestander,
maar wou het tafereel niet afwachten gezien de hitte.
De vleesetende vliegen waren meteen niet meer weg te slaan,
dat kon ik niet goed verdragen. Toch spijt van
achteraf.

Dus begraven onder de laurierstruiken, doch niet zonder
eerst een afgevallen blad over zijn opengesperde oog te leggen,
zodat hij mij tot onder de grond zou kunnen herkennen.
Hem met aarde toegedekt, onder het gestolen motto: kauw van jou.